De Robinia Pseudoacacia kenmerkt zich vooral door zijn kleine, geveerde bladeren. De snelgroeiende Acacia heeft een onregelmatige, ovale vorm. De bast is ruw en diepgegroefd wat een Mediterraans uiterlijk geeft. De Acacia trekt bijen, vlinders en vogels aan.
De volwassen Robinia Pseudoacacia wordt ook wel de gewone Acacia, Schijn Acacia, of Valse Acacia genoemd. De Robinia loopt laat uit met zijn blad, maar blijft zijn blad ook tot laat in het najaar vasthouden. Daarna valt het blad er met een gele herfstkleur vanaf. Op de takken ontwikkelen zich scherpe doorns van ca. 3 cm lang. In juni verschijnen de mooie, geurende, crèmewitte bloemen. Deze hangen in compacte trossen aan de boom. Na de bloei ontwikkelen zich de platte, roodbruine peulvruchten die vaak de hele winter aan de bomen blijven hangen. De boom is een drachtboom voor bijen en trekt vlinders, insecten en vogels aan. De groot formaat Acacia wordt ongeveer 20 meter hoog, maar is door snoei ook prima kleiner te houden. De grote Robinia heeft een onregelmatige ovale tot ronde kroon.